De zaaier

‘Meditatie is geen instant koffie,’ zei mijn spirituele leraar Sri Chinmoy vaak. Hoewel meditatie gouden bergen belooft – innerlijke vrede, vreugde, liefde en gelukzaligheid – komen de resultaten niet van de ene op de andere dag. Meditatie is als het inzaaien van een akker. Alleen als we de grond dagelijks bewerken en geduldig kunnen wachten, zullen we na verloop van tijd de eerste loten naar boven zien komen. Om de vruchten van meditatie te oogsten is ouderwets boerengeduld nodig.

Daar begint het probleem. Geduld is namelijk een schaars goed, vooral in deze maatschappij waar alles met een letterlijke druk op de knop binnen handbereik is. We zijn het niet meer gewend om te wachten. Ongeduld is de maatstaf der dingen. Zelfs de spirituele wereld schijnt er niet aan te kunnen ontkomen. Met enige regelmaat worden er workshops ‘verlichting in drie dagen’ en andere spirituele spoedcursussen aangeboden. Ik voel dan een licht geamuseerde glimlach opkomen.

Toegegeven, van de Indiase spirituele meester Sri Aurobindo was bekend dat hij in drie dagen tijd zijn gedachtes wist te stillen en zo een staat van innerlijke bevrijding bereikte. Ook de Indiase heilige Ramana Maharshi ‘viel’ van het ene op het andere moment in de verlichting. Toch moeten we deze grote zielen zien als de uitzondering op de regel. Sri Aurobindo en Ramana Maharshi behoren tot de fine fleur van de Indiase spiritualiteit. De meesten van ons spelen toch een paar divisies lager. Dan duurt het waarschijnlijk allemaal wat langer. Maar als we onszelf die tijd gunnen kan geduld wonderen verrichten. Mijn spirituele leraar Sri Chinmoy schreef: ‘Je dierbaarste dromen veranderen in vruchtbare realiteiten als je het geheim kent om de boom van het geduld in je hart te laten groeien.’

Hoe kunnen we geduld ontwikkelen. Sri Chinmoy schrijft: ‘Om geduld te ontwikkelen moeten we voelen dat we een spirtuele reis, een innerlijke reis, zijn begonnen, dat die reis een doel heeft. We moeten voelen dat dit doel bereid is om ons te accepteren en ons te geven wat het heeft, maar dat het dit doet op zijn eigen manier en op Gods uitverkoren Tijdstip. (…) Wanneer dat tijdstip aanbreekt zal het doel ons als een magneet naar zich toetrekken.’

Geduld is dus een kwestie van vertrouwen en overgave. Vertrouwen dat het doel van onze meditatie – innerlijke vrede, vreugde, liefde – net zo gretig op ons wacht als wij op haar. En overgave aan een hogere wijsheid die precies weet wanneer de tijd rijp is. Als we de appel te vroeg plukken smaakt hij te zuur. Maar op moment dat we onze tanden in een rijpe appel zetten, voelen we dat het het wachten waard was.